Intelligentiealliantie van de Schengenstaten in het kruisvuur van kritiek

Natuurlijk heeft een alliantie als Schengen allerlei voordelen voor haar leden - ook op het gebied van islamistisch terrorismebestrijding. De afzonderlijke geheime diensten hebben de mogelijkheid om gegevens in realtime uit te wisselen en hebben ook toegang tot een gemeenschappelijke database. Klinkt goed, maar blijkbaar niet helemaal in overeenstemming met de wet, zoals nu een Nederlandse controlecommissie opmerkte. Het resultaat van de audit is een aantal verplichtingen, controles en overeenkomsten van de betrokken partijen, evenals de algemene aanbeveling voor samenwerking van alle nationale functionarissen voor gegevensbescherming. Het vorige mompelen onder de mantel van geheimhouding zou in ieder geval een einde moeten hebben.

Kortom, het geheel zit in een 'operationeel platform', dat zich in Den Haag bevindt. 29 maakt ook deel uit van de Europese inlichtingengemeenschap, waarmee het Federale Bureau voor de bescherming van de grondwet samenwerkt. Maar de geschiedenis van inlichtingensamenwerking is veel eerder begonnen. 2001 is opgericht door de EU-inlichtingendiensten, evenals die van Noorwegen en Zwitserland, de zogenaamde "Counter Terrorism Group" (CTG) van de zogenaamde "Berner Club", die maatregelen neemt om islamistische terreur zowel virtueel als persoonlijk te bestrijden in Den Haag ,

"Regel van derden": helemaal topgeheim!

De naam van het "operatieve platform" is al een beetje mager, zouden we zeggen. En zo is het in alle andere aspecten van de groepering. Niemand weet er eigenlijk iets van, vooral omdat de faciliteit niet tot de EU behoort. Verschillende parlementaire vragen over personeel, kosten, locatie of de database zelf bleven onbeantwoord. Geheim is en blijft en geheim. De geheime diensten alleen zorgen hiervoor door hun "Third Party Rule", die alle partijen verplicht te zwijgen.

"Zorgeloos" omgaan met gegevens

De CTG kan het niet zo gemakkelijk doen, omdat het "operationele platform" zich op een Nederlandse server bevindt en daarom de Nederlandse wetgeving inzake gegevensbescherming van toepassing is op de opgeslagen gevoelige gegevens. De Nederlandse Commissie voor Toezicht op Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) is niet twee keer gevraagd en de Een kijkje op het platform, Daarbij ontdekte ze dat in sommige gevallen de gegevens ook "zorgeloos" werden behandeld.
Dit rapport zette de bal aan het rollen en beroofde het "operationele platform" van zijn geheimen. In feite is zelfs het publiek op de hoogte van sommige dingen: de gegevensuitwisseling werkt zodat nieuw ingevoerde gegevens worden doorgegeven aan alle andere partijen. Bovendien is een "multilaterale" informatieoverdracht mogelijk, wat dat ook precies betekent. Het kan zijn dat op deze manier verdachten die bijvoorbeeld worden bestuurd, in realtime kunnen worden gecontroleerd.

Alle partijen die verantwoordelijk zijn voor "adequaat niveau van gegevensbescherming"

De tekortkomingen in de gegevensuitwisseling die de Commissie heeft vastgesteld, hebben nu uiteraard hun gevolgen. Het "operationele platform" wordt beheerd door de Nederlandse geheime dienst AIVD, die ook voor hen verantwoordelijk is. De Commissie verzoekt de AIVD derhalve om gegevensbescherming en een regelmatige evaluatie. Dom voor de Nederlandse geheime dienst, goed voor iedereen? Verre van: de Commissie maakt ook de andere partijen verantwoordelijk, omdat zij allemaal verantwoordelijk zijn voor het handhaven van een "adequaat niveau van gegevensbescherming". Dit resulteert in een "hoofdelijke aansprakelijkheid". Als gevolg hiervan zou het voorbij moeten gaan met de geseling en elk van de 29-actoren om een ​​overeenkomst te ondertekenen over de toepassing van gemeenschappelijke normen en de uitwisseling van gegevens zelf - zodat niemand de AIVD kan pushen of altijd vooruit kan helpen, wat tot nu toe een zeer praktische en gemeenschappelijke strategie is geweest was. Trouw aan het motto: ik kan er niets voor doen ...

Het Europees Verdrag voor de rechten van de mens moet van kracht worden

Gegevensbescherming is uiteraard de focus van de betrokkenen. Of ze enige kennis hebben van opslag in de "operationele database" of zichzelf kunnen informeren, is tot op heden niet duidelijk. De Nederlandse Controlecommissie verwijst hier naar het Europees Verdrag voor de rechten van de mens en is van plan dit op de database toe te passen. Het gaat met name om het verwijderen van valse of irrelevante gegevens, een precieze doeldefinitie, beperktere schrijf- en toegangsmachtigingen en beperkte opslag.

Samenwerking van nationale gegevensbeschermingsautoriteiten noodzakelijk

Al deze voorzorgsmaatregelen en maatregelen voor meer privacy klinken goed op papier. Maar hoe implementeer je dergelijke verplichtingen met zoveel mogelijk geheime diensten? Ze waarderen hun vertrouwelijkheid immers zeer. Het rapport van de Nederlandse Commissie heeft echter waarschijnlijk ook alarm geslagen bij collega's in andere Schengenstaten. Als de respectieve functionarissen voor gegevensbescherming zouden samenwerken, zou het waarschijnlijker zijn om de vorige werkmethode te controleren of door te werken. De Commissie, die samenwerking aanbeveelt, vond dat ook. Op dit moment kan een dergelijke samenwerking echter vrijwel onmogelijk zijn vanwege de wettelijke vertrouwelijkheid van "staatsgeheimen". Dit zou eerst moeten worden geëlimineerd. Een andere mogelijkheid zou een transnationaal toezichthoudend orgaan zijn, maar dit zou ook gepaard gaan met aanzienlijke inspanningen en de instemming van de betrokken partijen.

Hoewel er geen echte oplossing is voor het geheim van de geheime diensten met betrekking tot het "operationele platform", is het verheugend dat het op zijn minst aan het licht komt. Wie weet wat er nog meer aan de hand is ...

Bron: netzpolitik.org


Geplaatst op:05 / 06 / 2018

Laat een bericht achter

Zorg voor gelieerde links